Paasdatum

Het christelijke Paasfeest is niet te begrijpen zonder Pesach (het joodse Pasen). Waarom wordt dit feest dan ook niet op dezelfde datum gevierd? Het antwoord hierop is dat het christelijke Paasfeest zich aan het eind van de eerste en aan het begin van de tweede eeuw ontwikkelde uit het joodse Paasfeest, toen joden en christenen gescheiden wegen gingen. Op het eerste Oecumenische Concilie in Nicea (325) werd besloten dat het christelijke Paasfeest, het feest van de Verrijzenis, altijd na Pesach moest vallen, zoals ook de verrijzenis zelf na Pesach was. Verder moest het een zondag zijn, de eerste dag van de week, als de nieuwe of Achtste Dag van de Schepping. Een vaste datum was dus niet aan de orde.

Sinds 1582 volgen de kerken in het westen de gregoriaanse kalender, terwijl de oosterse en orthodoxe kerken de (oude) juliaanse kalender zijn blijven gebruiken. Daardoor kan de paasdatum soms tot 13 dagen verschillen. Dit jaar (2017) valt Pasen in de kerken van Oost en West op dezelfde datum. Het zou een mooi moment geweest zijn om Pasen in Oost en West voortaan op dezelfde datum te vieren. Paus Franciscus heeft in 2015 voorgesteld om tot één gemeenschappelijke Paasdatum te komen voor alle christenen. De laatste poging in het streven naar eenzelfde datum kwam van de koptische paus Tawadros II. Hij stelde voor om Pasen op de derde zondag van april te vieren. Maar in veel orthodoxe kerken ligt de kalenderkwestie gevoelig. Ook voor hen is een eigen kalender een middel om hun identiteit te bevestigen.

Ook buiten de kerk wordt aangedrongen de kerkelijke kalender gelijk te schakelen met de maatschappelijke kalender en te komen tot een vaste datum voor het Paasfeest. Dat zou beter zijn voor de economie en bijvoorbeeld geen struikelblok meer zijn bij het plannen van vakanties. Maar het streven naar een gemeenschappelijk paasdatum in de christelijke kerken kan inhouden dat het wordt losgemaakt van zijn joodse wortels. Dominee Henk Vreekamp, die begin vorig jaar bij een ongeluk om het leven kwam, sprak zich scherp uit tegen de koppeling aan de maatschappelijke kalender. Want de kerk viert in haar feesten niet de natuur en de economie, schreef hij, maar de heilsfeiten. En die heilsfeiten mogen niet worden losgekoppeld van de geschiedenis van God met zijn volk.

Open Joodse Huizen in veertien steden

Op 29, 30 april, 3, 4, 5, 6 en 7 mei 2017 wordt voor de zesde keer Open Joodse Huizen georganiseerd. In 14 steden vinden herdenkingen plaats in woonhuizen en andere panden waar joodse bewoners, die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn weggevoerd, woonden en werkten.

De deelnemende steden in 2017 zijn: Amstelveen, Amsterdam, Bergen op Zoom, Den Bosch, Deventer, Gouda, Groenlo, Groningen, Hoorn, Utrecht, Vught, Winschoten, Winterswijk en Zaanstreek. In Amsterdam en Groningen wordt parallel aan Open Joodse Huizen ook Huizen van Verzet georganiseerd, waarin locaties met een verzetsverleden centraal staan.

In Open Joodse Huizen bieden huidige bewoners ruimte aan vroegere bewoners, getuigen, nazaten, oude en nieuwe buurtgenoten, kenners en belangstellenden om samen verhalen over de vroegere joodse bewoners te vertellen en zo nieuwe herinneringen te maken. Iedereen is welkom om te luisteren, mee te praten en te herdenken.

Het programma wordt georganiseerd door het Joods Cultureel Kwartier Amsterdam samen met lokale partners.

Nieuw in 2017 De ontmoetingen binnenshuis zullen meer dan voorheen via social media te volgen zijn. Social influencers gaan in deelnemende steden op pad om ervaringen via Instagram, Twitter, Facebook en YouTube met hun achterban te delen. Via een LiveWall kan iedereen via #OpenJoodseHuizen getuige zijn van de hoogtepunten van de programma’s uit het hele land.

Alle informatie op de site van Open Joodse Huizen

Jodenbekering in jeugdliteratuur

In de negentiende en twintigste eeuw verschenen talloze kinderboeken over de bekering van joden, van zowel katholieke als protestantse uitgevers, vaak met een sterk antisemitische inslag. Ewoud Sanders promoveerde op een onderzoek naar deze boeken. Tot zijn verbijstering merkte hij dat deze in orthodox-protestantse kring nog steeds gelezen worden.

“Ik snap goed dat gelovige ouders hun kinderen lectuur willen aanbieden waarin het belang van bekering wordt uiteengezet, want zeker voor orthodoxe christenen is dat een essentiële boodschap. Het uitventen ervan hoeft echter niet ten koste te gaan van andere groepen met een ander geloof, of het nu om joden, islamieten of bijvoorbeeld hindoes gaat”, aldus Sanders in NRC Handelsblad.

Hier een recensie van het boek door Jona Lendering.

Inmiddels heeft uitgeverij Den Hartog toegezegd dergelijke boeken niet meer in herdruk te nemen.